Omgaan met agressief gedrag bij een kind van 2, 3 of 4 jaar

Mijn Kind Slaat, Bijt, Schopt – Omgaan Agressief Kind

Een kind van 2, 3 of 4 jaar laat vaak agressief gedrag zien, zoals slaan, duwen, bijten of schoppen. Bijna alle kinderen zijn wel eens opstandig of agressief. Je kunt ervan schrikken en het is niet leuk. Toch is het bij jonge kinderen normaal en hoort bij de gewone ontwikkeling. Een kind moet nog nog leren omgaan met emoties en leren hoe het zich kan uiten. Maar wat kun jij doen als je dreumes of peuter agressief gedrag vertoont? Hoe kun je ze helpen, zodat het agressieve gedrag stopt?

 

Agressief gedrag bij kind van 2 jaar
Agressief gedrag bij kind van 3 jaar

Agressief gedrag bij kind van 4 jaar
Waar komt agressief gedrag vandaan?
Omgaan met agressief gedrag in 3 stappen
Extra tips voor ouders

 

Is je kind ouder dan 4 jaar? Neem dan een kijkje in het artikel over hoe je kunt omgaan met woedeaanvallen van oudere kinderen. Of is er vooral agressie tussen broertjes en zusjes, lees dan bruikbare tips in het artikel 7 tips bij ruzie tussen broertjes en zusjes.

 

Agressief gedrag bij een kind van 2 jaar

Agressie komt heel veel voor bij kinderen van 2 jaar oud. Op deze leeftijd denkt een kind nog niet na over wat het doet. Een 2-jarige uit zich meestal lichamelijk, omdat het z’n emoties nog niet (goed) onder woorden kan brengen. Als een leeftijdsgenootje een speeltje heeft dat je kind wilt hebben, kunnen ze het hardhandig uit de handen grissen. Of als er iets gebeurt wat je kind niet leuk vindt, geeft het de ander een duw of bijt een ander kindje. Ook kan je kind jou slaan of schoppen als het bijvoorbeeld iets niet mag wat je kind wel graag zou willen.
Ook de ontwikkelingsfase van je kind speelt een rol. Kinderen van 2 jaar ontdekken net dat ze een eigen persoon zijn met een eigen wil. Denk maar aan de koppigheidsfase of de nee-fase. Ook kan een dreumes zich nog niet inleven in een ander. Ze snappen dus nog niet dat ze een ander pijn doen.

Jonge kinderen kunnen met hun agressieve gedrag je ook iets vertellen. Als je bijvoorbeeld even bezig bent en je kind slaat jou of doet z’n broertje of zusje pijn, bedoelt je kind eigenlijk: Kijk Mama, ik ben er ook! Je kind vraagt dan om verbinding met jou.

 

Agressief gedrag bij een kind van 3 jaar

Bij de meeste kinderen neemt het agressieve gedrag vanaf 3 jaar langzaam af. Kinderen kunnen zich dan steeds beter uitdrukken met woorden. Ook leren ze negatief gedrag af. Je kind leert steeds beter hoe het iets op een andere manier kan oplossen, bijvoorbeeld door iets te vragen of door ‘stop’ te zeggen. Maar elk kind ontwikkelt zich op zijn eigen manier en tempo, waardoor agressief gedrag ook bij kinderen van 3 jaar nog veel voorkomt.

Een kind van 3 wordt steeds zelfstandiger en wil steeds meer dingen zelf doen. Roept jouw kind ook regelmatig: “Zeluffff doen!”? Door de toenemende zelfstandigheid kan je kind gefrustreerd raken, als het dan bijvoorbeeld toch niet zelf lukt. Deze frustratie kunnen ze afreageren met agressief gedrag. Dit kan gericht zijn op speelgoed, maar ook op andere kinderen of jou. Bijvoorbeeld als je kind iets moet doen of juist iets niet mag. Want ook bij een kind van 3 jaar speelt de koppigheidsfase een rol. Ze willen graag alles zelf bepalen en dat kan lang niet altijd.

 

Agressief gedrag bij een kind van 4 jaar

Kinderen van 4 jaar hebben steeds meer tools om dingen op andere manieren op te lossen dan met agressie. Ze kunnen een vraag stellen als ze iets willen. Of ze kunnen het zeggen als ze iets vervelend vinden. Ook hebben ze op deze leeftijd geleerd dat slaan, bijten en duwen niet mag omdat ze dan de ander pijn doen. Nog steeds kunnen ze zich nog niet echt in de ander inleven, maar ze weten nu wel dat een ander pijn doen niet fijn is. Als emoties echter hoog oplopen dan vervallen 4-jarige snel terug in oude gewoontes. Als ze heel boos of verdrietig zijn dan kunnen ze niet meer (goed) nadenken. HIerdoor kan het alles wat het geleerd heeft niet meer goed toepassen, waardoor het toch weer agressief kan worden. Een kind van 4 jaar is ook nog impulsief. Je kind zal minder lang nadenken dan volwassenen of oudere kinderen voordat het iets doet. Het reageert sneller dan dat het kan nadenken. Ze kunnen de gevolgen van hun gedrag nog niet zo goed overzien.

 

Waar komt agressief gedrag vandaan?

Een kind is nooit zomaar agressief. Het gedrag komt altijd ergens vandaan. Agressie kan voortkomen uit bijvoorbeeld frustratie, onmacht, onzekerheid of angst. Als je kind agressief is, let dan goed op wat er aan de hand zou kunnen zijn. Misschien is je kind gefrustreerd dat iets niet lukt, onzeker of eigenlijk heel bang. Of heeft je kind behoefte aan aandacht van jou?
Ook de omgeving en situatie kan meespelen. Is je kind bijvoorbeeld, moe, hongerig of overprikkeld? Als je probeert te achterhalen waar het gedrag vandaan komt dan kun je reageren op de onderliggende behoefte van je kind. Je kan dan het agressieve gedrag makkelijker stoppen en je kind beter helpen.
Jonge kinderen kunnen soms ook agressie gebruiken om contact te zoeken. Ze willen graag samen spelen of ‘er bij horen’, omdat ze nog niet veel sociale vaardigheden hebben en niet goed weten hoe ze dit kunnen aanpakken, kunnen ze bijvoorbeeld een speeltje afpakken, slaan of bijten.

 

Omgaan met agressief gedrag

Ten eerste is het dus goed om te beseffen dat je kind het niet verkeerd bedoeld. Een kind is agressief vanuit onmacht. Je kind heeft nog niet genoeg vaardigheden om zich op een andere manier te uiten, waardoor het slaat, bijt of duwt. Ook al bedoelt je kind het niet verkeerd, toch is het belangrijk om je kind te leren dat slaan of bijten niet mag. Geef dus duidelijke grenzen. Hiernaast is het heel belangrijk om je kind vaardigheden aan te leren. Dan leer je je kind wat het kan doen in plaats van duwen, slaan of schoppen.

Probeer in eerste instantie altijd het agressieve gedrag te voorkomen. Als je het ziet aankomen probeer dan het gedrag voor te zijn. Ga naar je kind, geef aandacht en vertel hem hoe hij zich kan uiten of een situatie kan oplossen op een andere manier dan met slaan. Als het spel tussen je kinderen steeds drukker wordt, grijp dan in voordat het ‘mis’ gaat. Ga mee doen of help om weer meer rust in het spel te brengen. Kijk ook naar de uitzonderingen. Wanneer gaat het goed en lost je kind iets op zonder agressie? Observeer je kind en bekijk wanneer het wel goed gaat, wat helpt dan?

Gebeurt het toch, dan kun je reageren via deze 3 stappen:

  1. Corrigeer je kind op een korte, duidelijke, maar rustige manier. Dus zonder boos te worden.
    Ga naar je kind toe, maak contact door neer te knielen, oogcontact te maken of je kind aan te tikken en geef de grens aan:
    “Slaan doen we niet, dat doet pijn” of “Bijten mag niet, dat doet pijn”.
  2. Verwoord de behoefte of het gevoel van je kind. Wat wil of voelt je kind? Bijvoorbeeld:
    “Je wilt graag hier mee spelen” of “Je baalt ervan dat…”  of “Je bent boos, omdat….….”
  3. Benoem daarna wat je van je kind verwacht. Wat mag hij of zij wel doen in plaats van het agressieve gedrag? Hoe kan hij of zij z’n emoties wel uiten?
    “Vraag maar of je dat speeltje mag” of “Zeg maar stop, als je het niet meer leuk vindt” of “Kom naar mij als je boos wordt, dan kan ik je helpen”. Zeg in plaats van ‘niet slaan’, wat je kind wel kan doen. Lees meer over hoe je dit doet in het artikel Positief omgaan met je kind.

 

Extra tips voor ouders

* Observeer het gedrag van je kind

Soms lijkt het agressieve gedrag uit het niets te komen, maar vaak gaat er iets aan vooraf. Als je dit in de gaten hebt dan kun je het agressieve gedrag vaak voorkomen. Kijk goed naar je kind: Wat doet hij of zij precies? Wat gaat er aan vooraf? Wat is de aanleiding voor het agressieve gedrag? Waar heeft je kind behoefte aan? Als dit moeilijk te ontdekken is, hou het dan een tijdje bij en schrijf het op. Kijk dan ook goed naar de uitzonderingen. Wanneer gaat het wel goed? Wat doet je kind dan? Wat doe jij dan? Wat helpt het beste om het te laten stoppen?

* Blijf rustig

Hoe moeilijk dit soms ook is, probeer toch om je eigen emoties onder controle te houden. Jij bent het voorbeeld voor je kind. Als je terug slaat dan geef je je kind het voorbeeld dat slaan mag. Kinderen leren namelijk veel van het gedrag wat ze zien bij anderen. Agressie wekt agressie op. Dus als jij schreeuwt of slaat dan is er een grote kans dat je kind weer agressief terug reageert.

* Erken gevoelens

Maak tijd en ruimte voor de onderliggende gevoelens van je kind. Want een kind heeft altijd een goede reden voor z’n gedrag. Is je kind boos? Ergens bang voor? Of eigenlijk heel verdrietig? Benoem deze gevoelens en laat je kind voelen dat je hem begrijpt en wilt helpen. Kinderen die zich gezien en gehoord voelen, zullen minder snel agressief gedrag laten zien.

* Duidelijk en consequent reageren

Probeer elke keer op dezelfde manier te reageren naar je kind. Benoem kort dat het gedrag niet mag en heb daarna ruimte voor de gevoelens en behoeftes van je kind. Help je kind. Als er meer opvoeders betrokken zijn, probeer dan allemaal dezelfde aanpak te gebruiken. Dit is heel duidelijk en dus heel veilig voor je kind.

* Gedrag leren

Sociaal gedrag is iets wat kinderen leren van volwassenen. Een jong kind kan zich nog niet inleven in de ander en kan z’n emoties nog niet rustig uiten. Zie het dan ook als een vaardigheid die je kind nog moet leren. En waarbij het jouw hulp nodig heeft. Het aanleren van sociaal gedrag kost tijd.
Leer je kind dus wat het kan doen om z’n behoeftes duidelijk te maken op een andere manier dan met agressie. Bijvoorbeeld door iets te vragen, uit te leggen, jou om hulp te vragen, zeggen hoe het zich voelt, een oplossing te verzinnen etc.

* Stel geen waarom-vraag

Vaak stellen ouders deze vraag aan hun kind: ‘waarom doe je dat?’, maar deze vraag is veel te ingewikkeld voor een jong kind. Je kind weet vaak geen antwoord en zal dan ook niks zeggen, z’n schouders ophalen of nog bozer worden. In het woordje ‘waarom’ verschuilt een veroordeling, waardoor je kind zich afgewezen zal voelen door deze vraag. Benoem dus zelf wat je denkt dat er achter het gedrag schuil gaat in plaats van het te vragen. Als je op een rustig moment toch in gesprek wilt gaan met je kind en je kind is al iets ouder gebruik dan vragen zoals:

“Wat is er aan de hand?”
“Hoe kon dit gebeuren?”
“Wat maakte je zo boos?”

“Je moet wel heel erg boos geweest zijn, zelfs zo boos dat je niet meer wist hoe je het goed kon oplossen. Klopt dat?”
“Wat kun je een volgende keer anders doen?”

* Geef complimenten voor sociaal gedrag

Als je kind probeert om iets anders te doen dan te slaan, complimenteer dan dit gedrag. Ook al lukt het nog niet volledig, zie dat je kind het wel probeert en benoem dat. Probeer te omschrijven wat je kind doet: “Je zegt nu stop, omdat je het niet leuk meer vindt, heel goed!

* Dwing je kind niet om sorry te zeggen

Een kind van 2, 3 of 4 jaar oud is nog te jong om het begrip ‘sorry zeggen’ te begrijpen. Door ze toch te dwingen dit te zeggen, leer je ze iets verkeerds aan. Wat kun je je kind dan laten zeggen in plaats van sorry? Lees 7 tips in dit artikel: 7 tips in plaats van sorry te laten zeggen. 

* Positief contact met je kind

Zorg dat je op een dag voldoende momenten van positief contact met je kind hebt. Geef je kind aandacht op een fijne manier. Soms wil je kind met agressief gedrag je vertellen dat het behoefte heeft aan meer contact en tijd met jou. Als hij dan bijt of slaat, dan weet je kind zeker dat het even jouw aandacht heeft. Dit gedrag kan soms ook voortkomen vanuit jaloezie naar bijvoorbeeld een broertje of zusje. Zorg dat je kind voldoende positieve één op één momentjes met jou heeft.