Content voor Ingelogde Gebruikers

Gevaarlijk spel bij je kind: wat te zeggen in plaats van “voorzichtig!”

Gevaarlijk Spel Bij Je Kind: Wat Te Zeggen In Plaats Van “voorzichtig!”

Klimt je kind regelmatig in een hoge boom? Of balanceert hij of zij graag op gevaarlijke randjes? Houd je regelmatig je hart vast? Dan ben je niet de enige ouder. Een kind houdt van gevaarlijk spel, want kinderen houden van ontdekken en uitproberen. Dit is goed voor hun ontwikkeling, maar wij willen onze kinderen juist beschermen. Daarom roepen we vaak ‘Voorzichtig!’ of ‘Kijk uit!’. Alleen bereiken we hiermee niet veel. Wat kun je in plaats van ‘voorzichtig!’ zeggen zodat je je kind wel bereikt? En hoe begeleid je je kind bij gevaarlijk spel, zodat hij kan ontdekken en toch veilig spelen? Er zijn 6 verschillende vormen van gevaarlijk spel. Lees hier de tips bij alle verschillende soorten, zodat je weet wat je kan doen om je kind veilig te laten spelen.

Inhoud
Waarom ‘Voorzichtig!’ roepen niet werkt
Gevaarlijk spel is goed voor je kind

Gevaarlijk spel; beschermen we te veel?

Wat te doen en zeggen bij gevaarlijk spel
  Spel op hoogte
  Spelen met snelheid
  Spelen met gevaarlijke voorwerpen
  Spel op gevaarlijke plekken
  Spel met elkaar
  Spelen buiten jouw zicht

 

Waarom ‘voorzichtig!’ roepen niet werkt

Er zijn veel situaties waarin volwassenen (terecht en onterecht) heel hard ‘voorzichtig!’ roepen naar hun kind. Vooral als je kind in jouw ogen iets gevaarlijks doet in zijn spel. Maar wat bedoelen we dan eigenlijk precies? ‘Voorzichtig’ kan van alles betekenen. Bijvoorbeeld ‘Stop daarmee’ of ‘Let op waar je je voet zet’, maar het kan ook betekenen ‘Wacht tot ik bij je ben’ of ‘Ga daarbij vandaan!‘. Of het betekent ‘langzamer lopen’ of nog iets anders om een val te voorkomen of je kind te beschermen. Kortom, het kan van alles betekenen. Zonder verdere uitleg is het woordje ‘voorzichtig’ betekenisloos. Voor kinderen is het altijd belangrijk om zo concreet mogelijk te zeggen wat ze wel moeten doen. Dit principe werkt niet alleen bij risicovol spel, maar in alle opvoedsituaties.

Ook verliest het woord ‘voorzichtig’ zijn waarde en impact als je het regelmatig gebruikt.  Dit komt omdat het brein van kinderen (en ook van volwassenen trouwens) zo is ingesteld dat als ze iets vaak horen, ze het uitfilteren. Hierdoor hoor je het niet meer. Hetgeen je zegt dringt dan niet meer tot je kind door. Je noodkreet komt niet eens meer aan bij je kind.

Gevaarlijk spel is goed voor je kind

Kinderen leren veel verschillende vaardigheden door risicovol spel. Uit verschillende onderzoeken blijkt dat kinderen die leren omgaan met gevaar en risicovolle situaties beter risico’s kunnen inschatten dan andere kinderen. Ze maken in een gevaarlijke situatie betere (en dus veiligere) keuzes. Daarnaast krijgen kinderen er zelfvertrouwen door, omdat ze uitdagingen makkelijker durven aan te gaan. Kinderen die risicovol spelen zullen een uitdaging niet vermijden, maar het eerder zien als iets leuks. Dat vergroot het doorzettingsvermogen en de zelfstandigheid van kinderen. Ook staan kinderen die risicovol spelen steviger in hun schoenen. Ze hebben meer sociale vaardigheden en kunnen beter conflicten oplossen met leeftijdsgenoten.

Tot slot is het ook nog eens goed voor de fysieke ontwikkeling van je kind. Bij gevaarlijk spel is je kind vaak aan het klimmen, rollen, slingeren, hangen, glijden enzovoorts. Dit is goed voor de motoriek, balans, coördinatie en het lichaamsbewustzijn. Kinderen die geen gevaarlijk spel doen, zijn vaker onhandig, ze hebben vaker een slechte balans, voelen zich ongemakkelijk in hun eigen lichaam en hebben meer kans op het ontwikkelen van bewegingsangst.

 

Te veel beschermen?

Tegenwoordig zijn er overal veiligheidsvoorschriften voor. Zeker voor alles rondom kinderen. Het is logisch dat we onze kinderen willen behoeden voor gevaarlijke situaties, maar zijn we niet een beetje doorgeslagen in veiligheid?
Kinderen krijgen hierdoor minder de mogelijkheid om zelf te leren omgaan met risico’s. Uit onderzoek blijkt dat bijna 80% van de ouders hun kind graag meer risicovol wil laten spelen (
VeiligheidNL). Door je kind de mogelijkheid te geven om fouten te maken, creëer je leermomenten voor je kind. Kinderen leren door vallen en opstaan. Een kind leert veel meer als het zelf kan ontdekken en kan ervaren en dus van gevaarlijk spel. En daar hoort je af en toe bezeren bij.

Er zijn steeds meer professionals die pleiten voor gevaarlijk spel bij kinderen. Gever Tulley gaf deze TED Talk en schreef een boek over de gevaarlijke dingen die elk kind zou moeten doen.

 

Wat te doen en zeggen bij gevaarlijk spel

Er zijn genoeg alternatieven voor ‘voorzichtig!’. Geef je kind op een rustige manier een aanwijzing. Daarmee maak je de situatie veiliger.
Je leert je kind omgaan met risicovolle situaties in plaats van ze te leren dat ze bang moeten zijn voor risicovolle situaties. In verschillende culturen kunnen jonge kinderen al goed omgaan met vuur, messen en ander gereedschap. Ze leren dit van hun ouders en weten hoe ze een mes moeten gebruiken. In plaats van je kind ver van gevaarlijke situaties vandaan te houden, kun je ze beter laten spelen. Laat ze ontdekken, maar dan wel met de juiste begeleiding en informatie.

Hieronder vind je een aantal ideeën voor het begeleiden van gevaarlijk spel en voor wat je kan zeggen in plaats van ‘voorzichtig’. De tips zijn opgedeeld in 6 verschillende soorten risicovol spel: spel op hoogte, spel met snelheid, spel met gevaarlijke voorwerpen, spel op gevaarlijke plekken, spel met elkaar, spel buiten jouw zicht.


Spel op hoogte

Bij spel op hoogte kun je denken aan bomen klimmen, balanceren op muurtjes, hangen in speeltoestellen en het weer naar benden springen. Spelen op hoogte is goed voor de motorische vaardigheden van kinderen. Ze worden er sterk van, krijgen meer ruimtelijk inzicht en leren om diepte en snelheid in te schatten. Laat je kind zelf in een boom of op een klimtoestel klimmen en help niet door hem of haar ergens op te tillen. Het is belangrijk dat je kind zelf op het klimtoestel of in de boom kan komen, want zo kan je kind ook weer zelfstandig naar beneden komen.

Bespreek met je kind uit hoe je het beste een boom kan beklimmen. Zorg bijvoorbeeld altijd voor 3 contactpunten met de boom (2 voeten en 1 hand, of 2 handen en 1 voet). Als je kind van bomen klimmen houdt, bekijk dan ook de andere klimregels.

Wat je kan zeggen in plaats van “voorzichtig” bij spel op hoogte:

            “Let op waar je je voet zet.”
            “Wat is je volgende stap?”
            “Voel je je veilig daar?”
            “Neem je tijd.”
            “Voelt die tak stevig?”
            “Ik sta hier als je me nodig hebt.”

 

Spel met snelheid

Hieronder valt rennen, skaten, fietsen, schommelen en van een bergje af rennen of fietsen. Spel met snelheid is goed voor de conditie van je kind. Ook doet je kind ruimtelijk inzicht op en leert hij of zij snelheid in te schatten.

Zorg voor de juiste en geadviseerde bescherming, zoals een helm, pols en elleboogbeschermers. Bij skaten vallen kinderen meestal achterover, geef je kind daarom de instructie om naar voren te leunen. Laat je kind eerst op rustige plek oefenen met skaten, of fietsen van een berg. Dan hoeft je kind nog geen rekening te houden met anderen, maar kan hij of zij zich volledig richten op de activiteit. Kijk hier voor meer tips over veilig skaten en steppen.

Hieronder een aantal ideeën die je kan zeggen in plaats van “voorzichtig” bij spel met snelheid:

             “Ik zie dat hier veel takken op de grond liggen waar je over kan struikelen, kijk uit!”
             “Ik zie dat hier veel mensen zijn. Zorg dat je de andere mensen genoeg ruimte geeft.”
             “Naar voren leunen.”
             “Afremmen voor de bocht.”
             “Leg de tak of het speelgoed op de grond tijdens het rennen/fietsen.”

 

Spel met gevaarlijke voorwerpen

Dit is spel met messen, stokken, hamers, spijkers, pijl en boog, dartpijltjes, touwen. Het spelen met gevaarlijke voorwerpen geeft kinderen zelfvertrouwen en ze leren vaardigheden die ze nodig kunnen hebben in het dagelijks leven. Het belangrijkste is om je kind te leren omgaan met gevaarlijke voorwerpen. Verbied ze dus niet om eraan te komen, maar leg uit hoe het werkt en laat het ze ontdekken. Blijf er in het begin bij, totdat je ziet dat ze er goed mee om kunnen gaan.

Jonge kinderen kunnen al oefenen door bijvoorbeeld een appeltje door te snijden. Zorg wel dat je kind goed gereedschap krijgt, zoals een scherp mes in plaats van een bot mes.  Lees ook hoe je je kind kan leren omgaan met een zakmes en gereedschap.

Een aantal voorbeelden van wat je kan zeggen tijdens het spel met gevaarlijke voorwerpen:

            “Hou één kant van de tak op de grond.”
            “Wat is je plan met de hamer?”
            “Zoek meer ruimte!”
            “Stokken hebben veel ruimte nodig. Fedde, kijk om je heen! Heb je genoeg ruimte om met de stok te zwaaien?”
           “Houd afstand van Fedde. Hij heeft een grote stok vast.”
           “Voordat je met die steen gooit, waar moet je dan op letten?”
           “Die tak ziet er heel zwaar uit! Lukt dat?”

 

Spel op gevaarlijke plekken

Bij spel op gevaarlijke plekken kun je denken aan plaatsen in de buurt van drukke wegen, in de buurt van vuur, bij water (meer, zee of sloot) of ijs. Door je kind hiermee in aanraking te laten komen, leert hij omgaan met gevaarlijke situaties waarin hij een keer terecht kan komen. Je kind leert hoe hij goed kan handelen en de veilige keuzes kan maken. Geef je kind uitleg en laat het hem ervaren, maar doe dit in het begin waar je zelf bij bent. Laat je kind bijvoorbeeld zien hoe je kan voelen of het ijs stevig genoeg is om erop te staan. Wil je kind een vuurtje maken? Verbied het niet, maar blijf in de buurt. Zorg dat je kind altijd weg kan van het vuur en zorg voor iets om mee te blussen. Om ervoor te zorgen dat je kind veilig speelt bij het water, bekijk de checklist spelen bij water

Hier volgen weer een aantal ideeën van aanwijzingen die je kan geven in plaats van het roepen van ‘voorzichtig’:

            “Loop alsjeblieft langzaam en voorzichtig bij ….”
            “Geef elkaar genoeg ruimte, zodat niemand per ongeluk geduwd wordt.”
            “Zorg dat iedereen genoeg plek heeft om zich te bewegen en/of z’n evenwicht te bewaren.”
            “ Voel je je stabiel?”
            “Heb je meer ruimte nodig?”

 

 

Spel met elkaar

Hieronder vallen trek- en duwspelen, zoals stoeien, worstelen, schermen, sabelen met stokken of zwaarden. Stoeien en spelen met elkaar is heel leuk, leerzaam en zorgt voor positief contact met elkaar. Kinderen leren zo over elkaars grenzen en over hun eigen grenzen. Hierdoor worden ze motorisch en sociaal vaardiger.
Leer je kind het verschil tussen stoeien en vechten. Bij stoeien vinden beide partijen het leuk en heeft iedereen plezier. Leer je kind dat je elkaar geen pijn doet en dat je meteen stopt met stoeien als de ander dat wilt. Leer je kind rekening te houden met de ander door het stoeien af en toe te onderbreken en te vragen hoe het gaat. Hier vind je een paar vragen en opmerkingen die je kan gebruiken om je kind aanwijzingen te geven om veilig te stoeien.

            “Maak oogcontact voordat je iemand ‘aanvalt’. Zorg dat ze weten dat je eraan komt, zodat ze zich schrap kunnen zetten.”
            “Vraag aan de ander of het goed gaat.”
            “Vraag aan hem of hij nog steeds plezier heeft.”
            “Vind je het nog leuk?”
            “Zeg het als je het niet meer leuk vindt.”
            “Laat het weten als je wilt stoppen.”

Spel buiten jouw zicht

Dit soort spel gaat over verdwalen en verdwijnen. Op ontdekkingstocht gaan, maar voor jonge kinderen ook over verstoppertje spelen of op een pleintje of speeltuin uit het zicht spelen. Kinderen verstoppen zich graag of ze gaan op onderzoek uit. En dit is goed voor een kind. Hierdoor worden ze zelfstandig en ontwikkelen meer verantwoordelijkheid.

Kinderen gaan vaak zo op in hun spel dat ze jou uit het oog verliezen, ook al had je anders afgesproken. Dit doen ze niet expres, maar het gebeurt. Daarom zijn er een aantal dingen die je kan doen om ervoor te zorgen dat ze veilig spelen buiten jouw zicht. Zorg ervoor dat je zelf het gebied waar je kind speelt kent, zodat je weet dat hij of zij er veilig kan spelen. Maak daarnaast afspraken over grenzen van het speelgebied en check af en toe of ze hier ook blijven.

Vertel dat ze niet met vreemden mee mogen gaan en leg uit waarom niet. Bespreek van tevoren wat je kind kan doen als er een vreemde op hem afkomt, iemand zich bezeert of als er iets gebeurt waar hij zich niet prettig bij voelt. Ga in het begin vaak kijken en als je merkt dat het goed gaat, kan je steeds langer wegblijven.

Geef ze de mogelijkheid om te spelen zonder dat ze gezien worden. Zeg hierbij bijvoorbeeld:

            “Wil je graag vooruit rennen? Oké, wacht dan op me bij …”
            “Laten we samen even kijken of deze plek veilig is om je in te verstoppen.”

 

 

Tot slot

Geef kinderen de kans om zelf te spelen en te ontdekken en geef ze tegelijkertijd de juiste tools en informatie om zich te kunnen redden. Op deze manier leren ze omgaan met gevaarlijke situaties. Je zult merken dat ze dan zelf steeds meer verantwoordelijkheidsgevoel krijgen. Stimuleer dus juist gevaarlijk spel bij je kind. Zo zul je merken dat het gevaarlijk spel voor je kind steeds minder gevaarlijk wordt. 

Of je nu een bezorgde vader of moeder bent of niet, je oerinstinct geeft je altijd het gevoel dat je je kind moet waarschuwen en moet beschermen, want daar zijn we als ouders immers voor. Merk je dat je de neiging hebt om ‘voorzichtig’ te roepen of een gevaarlijke situatie te verbieden, bedenk dan dat kinderen leren van risico’s en vertrouw dan op je eigen inschatting. 

Bronnen
http://childnature.ca/when-you-want-to-say-be-careful/
https://veiligheid.nl/risicovolspelen
Brussoni, M., Gibbons, R., Gray, C., Ishikawa, T., Sandseter, E., Bienenstock, A., et al. (2015). What is the relationship between risky outdoor play and health in children? A systematic review. International Journal of Environmental Research and Public Health, 12(6), 6423-6454
Sandseter, E., & Kennair, L. (2011). Children’s risky play from an evolutionary perspective: the anti-phobic effects of thrilling experiences. Evolutionary Psychology, 9(2), 257-284.

Tovey, H. (2011). Laat ze buiten spelen. Pleidooi voor gezonde risico’s. Antwerpen-Apeldoorn: Garant.

Scroll naar boven